donderdag 11 november 2010

Ongelukje

In ons dorp hebben twee huizen nieuwe bewoners gekregen. In beide gevallen stond er vrij veel druk op de verhuizing. De ene verhuizing moest eigenlijk voor 1 november plaatsvinden (het werd de negende) en de andere op de twaalfde. Maar in beide gevallen moest er toch ook wat veranderd worden aan de inrichting, zodat het de afgelopen weken een gaan en komen was van werklieden onder aanvoering van hun aannemer. Tja en toen ging de aannemer iets te ver. Het bleek dat de oude afvoer van de badkamer moest worden vervangen. Hij moest worden los gehakt uit het omringende beton. Een klapje teveel en toen keek hij in de badkamer van de onderbuurman. Het was natuurlijk niet zo bedoeld. Een ongelukje eigenlijk. De buurman toonde zich allerminst blij. Maar wat voor hem de deur dicht deed was het water dat een paar uur later tegen zijn huiskamer raam aan spatte: een medewerker van de aannemer spoelde volijverig het balkon schoon.
De spanning liep merkbaar op. De nieuwe bewoonster bood haar excuses aan en de aannemer maakte gauw de vloer dicht.
Toen ik haar later sprak, vertelde de nieuwe bewoonster dat ze bij de ingang iemand was tegen gekomen die haar had gevraagd waar ze moest zijn. Op haar antwoord: op zes, was de reactie: oh, met dat gat in de badkamer. Zo gaat dat in een dorp je hoeft je meteen niet meer voor te stellen.

zaterdag 25 september 2010

Soep

In het hotel in Dusseldorf gingen we na het aperitief naar het restaurant. De ramen van de halfronde zaal keken uit op de wegen die naar en van het vliegveld voeren. Het middendeel van de zaal lag een vijftal treden hoger dan de buitenste ring van tafels. De beide ruimten waren gescheiden door een wand die aan de buitenkant misschien 1 meter 80 hoog was. We gingen aan een van die tafels zitten en keken naar de wisselende intensiteit van het verkeer beneden ons. Een vrouwelijke ober kwam ons vragen wat we wilden drinken. Het kostte ons in dit geval moeite om te schakelen tussen het Engels van Betty en het Duits van de ober. Het was geen probleem zei de ober en ging over op Engels, maar het was duidelijk dat Engels geen dagelijkse praktijk voor haar was: een potentiële bron van misverstanden. Toen onze drank was gebracht en dezelfde ober kwam vragen wat we wilden bestellen, was onze discussie daarover nog niet beslist, maar uiteindelijk besloten we tot vier maal Wiener Schnitzel, waarvan er een zou worden gedeeld tussen Anneke en Betty met frites. Dit alles werd genoteerd door de ober. Ik wil soep, zei Betty; het werd linzensoep. Geef mij dan ook maar soep, zei ik. De ober noteerde.
Vroeger, vertelde Freerk aan Betty, hebben we een tijd gehad dat we iedere week in een restaurant gingen eten en Vader nam altijd - als enige - soep, zodat wij altijd moesten wachten voor we met eten konden beginnen. Maar nu houd ik Betty gezelschap, zei ik, terwijl de ober met haar opdracht verdween.
Op het verhoogde middengedeelte van het restaurant was een jongeman komen zitten, die zijn eigen bestelling deed. Onder hem tegen de wand nam een jonge vrouw plaats alleen aan een tafeltje. Ik bedacht dat hij eigenlijk net zo goed een etage lager aan het tafeltje van de jonge vrouw kon gaan zitten. Ondertussen werd de soep voor Betty door een andere vrouwelijke ober gebracht en ontspon zich enige discussie over mijn soep. De jongedame verdween nadat we hadden duidelijk gemaakt dat we toch echt twee soep hadden besteld. Er ontstond weer een pauze, waarin Betty haar soep nuttigde en voor mijn ogen zich het scenario afspeelde dat ik al bedacht. De jonge man boog zich over de wand sprak even met de jonge vrouw onder hem, pakte zijn spullen en kwam naar beneden. Toen hij daar goed en wel zat, kwam de ober met zijn bestelling en verdween weer met de bestelling toen hij het tafeltje leeg aantrof.
Bij onze tafel verscheen nu een mannelijke ober met twee borden soep. Hij verdween weer schouderophalend toen wij er maar een wilden hebben met het andere bord. Betty had haar soep al enige tijd op zodat mijn tafelgenoten toch weer op mij moesten wachten.
Onze eerste ober kwam zich even later verontschuldigen voor het misverstand, maar was zo wijs even te controleren of ze de rest van onze bestelling goed had begrepen.

vrijdag 3 september 2010

Herfst

Deze week is de meteorologische herfst begonnen. We kunnen het merken aan de geleidelijk dalende temperaturen en de korter wordende dagen. Bij het weerbericht is men optimistisch en spreekt men van nazomeren en fraaie wolkenluchten. Maar deze week in Vlissingen op het strand waren er maar weinigen die het water van de zee uitprobeerden. En de kastanjes zijn vrijwel rijp.
Onze duif is verdwenen. Toen ik eenmaal de hor voor de deur van de huiskamer had gehangen is hij niet meer verschenen. Zelfs onze buurman zegt er niets meer over. Het zou natuurlijk kunnen zijn dat de duif weg gespoeld is door de regen. Want het heeft een paar keer flink geregend op ons dorp. De eerste keer liep alleen de hal in het andere straatje onder, de tweede keer beide hallen. Die tweede keer was dat juist toen we het ons ś avonds gemakkelijk wilden maken dat om half twaalf de bel ging en we erop attent werden gemaakt dat er een lek was. Gelukkig en misschien ook wel niet was er geen lek. De regen was zo overvloedig gevallen dat de afvoer via het riool het water niet aankon. Het liep over de drempel, maar kon toen nergens meer heen. Na een half uur werken met een wisser en een paar dweilen was het water weer weg en de hallen waren aangedweild. Gelukkig geen lek, want nu hoefde er geen loodgieter bij te komen, maar misschien ook wel niet want als de voorspellers gelijk krijgen zou er de komende tijd wel eens meer veel regen kunnen vallen en komen we vermoedelijk vaker met de voeten in het water te staan. Het vergroten van de capaciteit van het riool is niet zo'n eenvoudige zaak.

donderdag 12 augustus 2010

Duif

Ons dorp wordt al meer dan een week geterroriseerd door een duif. Aanvankelijk leek het erop dat het dier een blessure had opgelopen. Het bleef op de grond en scharrelde daar wat rond om onze flat. Maar het bleek al spoedig dat er niet veel mis was met het bewegingsapparaat. En zo vertelden onze buren dat de duif daar in de huiskamer was gesignaleerd. Bij ons nog wat verder van de grond af kwam de duif ook eens kijken. Hij liep over de balustrade van ons balkon en maakte niet de indruk erg onder de indruk te zijn van onze aanwezigheid. Ik moest zelfs aanstalten maken om hem te pakken voordat hij wegvloog en bij de buurvrouw neerstreek. De brutaliteit van het dier was verbazingwekkend. Toen ik op een dag de keuken binnen kwam zat hij op het aanrecht en onderzocht de dingen die daar lagen en stonden op eetbaarheid. Hij keek me aan met zo' n blik van: dat vind je toch niet erg, he? Toen ik hem heel nadrukkelijk duidelijk maakte dat ik het wel erg vond (door dreigend op hem af te stappen) ging hij er schouderophalend van door. Sindsdien houden we de balkondeur van de keuken wat nadrukkelijker gesloten. Maar dat is niet genoeg. Twee dagen later vond ik in de huiskamer het duidelijke bewijs dat de duif daar geweest was. Er lagen uitwerpselen op de vloer. Resultaat: extra voorzieningen voor de deuren als die open staan: horren. De buurman windt zich er nadrukkelijk over op.
De vraag is wat doe je tegen een brutale duif? We zouden een kat kunnen aanschaffen. Maar dan is het middel wellicht ergen dan de kwaal. En wat als de kat in zijn enthousiasme de duif bespringt als die op de balustrade zit?

zaterdag 17 juli 2010

Kerken

Als we naar Benna gaan kiezen we meestal een route die vanaf Poperinghe via binnenwegen naar Esquelbecq leidt. We passeren dan St Jan ter Biezen, Wattou, Houtkerque, Herzeele en Wormhout, allemaal kleine dorpjes met hun eigen kerk. Deze keer kreeg ik weer een idee. Je zou er een project(je) van kunnen maken: een verzameling foto's van de kerkjes in dit gebied. Vandaar dat we vanmorgen tegen elf uur in de auto zaten en koers zetten naar Ledringhem en vandaar naar Zermezeele, etc., kerkjes met niet veel bijzonders, een meestal korte toren en een kerkhof aan de voet van de kerk. In Ochtezeele, een plakette in de muur van de kerk dat in dat dorp een heemkundige was geboren. Het bijzondere van de plakette was dat hij in het Nederlands was gesteld. Alle kerken waren echter gesloten. In Arnèke vonden we dat het tijd was voor de lunch en daarvoor trokken we naar Cassel. We zetten onze auto bij de kerk en liepen naar restaurant Le Sauvage, dat een salle panoramique had, vanuit die zaal hadden we inderdaad een prachtig uitzicht over het dal. Maar het aantal gasten was klein: buiten ons was er nog één paar: een man die constant op een moppertoon zat te praten en zijn onverstoorbaren partner. De man bestelde een gigot d'Agneau, maar toen die kwam bleek dat hij niet goed was; de gigot werd terug gestuurd naar de keuken. Dat gebeurde ook met de tweede. Een curieuze vertoning. Naderhand bleek dat het restaurant de Gigot op zondag in een speciale vorm gesneden werd opgediend. De man had daarover van te voren gebeld, maar het restaurant had kennelijk aangegeven dat zaterdag niet zondag was en dat de speciale Gigot dus niet zou worden opgediend. Hij werd ook niet oggedien. De man had zijn autoriteit wellicht wat overschat. Nu weigerde hij te eten en liep het restaurant uit, terwijl zijn partner onverstoorbaar haar maaltijd nuttigde.
Le Sauvage was in de 1e wereldoorlog gedurende enige tijd het hoofdkwartier van maarschalk Foch. Voordie tijd was het een soort kostschool geweest voor meisjes. Het leek me typisch de ruimte waar een maarschalk zich op zijn gemak zou voelen.
Na onze uitgebreide lunch gingen we verder via Steenvoorde, Houtkerque en Herzeele. Toen had ik voor één dag wel genoeg hallenkerken gezien.

dinsdag 13 juli 2010

Stamkroeg

Latte's and Litterature heeft niet echt de inrichting en het karakter van wat je je voorstelt van een stamkroeg. Misschien moet je L&L wel beschrijven als een tearoom. Het is een onopvallende gelegenheid in de Nieuwstraat. Je kunt er koffie en thee en frisdranken drinken - inclusief zoals me dezer dagen bleek - milkshakes. Er staan een paar zeer gemakkelijke fauteuils en wat minder gemakkelijke hoge stoelen met bijpassende tafeltjes in donker hout. Het belangrijkste van L&L is echter dat het Engelstalige boeken verkoopt. Anneke en ik spreken regelmatig af bij L&L, zakken genoeglijk weg in de rustige stoelen en nemen wat te lezen. Vaak is onze afspraak daar rond het middaguur zodat we daar ook iets te eten nemen voor de lunch: een sandwich.
Behalve de boeken die ter verkoop in de kasten staan zijn er ook boeken die gelezen kunnen worden door de gaande en de komende man (of vrouw). Als ik daar zit wachtend op de komst van Anneke neemk ik vaak zo'n leestafel boek ter hand. Ik krijg natuurlijk nooit de gelegenheid om zo'n boek uit te lezen, want mijn wachttijd is meestal binnen enkele bladzijden om. Deze week opende ik op deze manier een dun boekje van Stephen King - een uit een serie van the Green Mile -, waarvan ik de titel natuurlijk alweer vergeten ben. Maar die titel doet er ook niet zoveel toe als ik toch niet de gelegenheid krijg om het verhaal uit te lezen. Dit verhaal begon met het verhaal van een oudere man die er door zijn kinderen van overtuigd werd dat het voor zijn bestwil was dat hij in een zorgcentrum trok. Op deze manier raakten zijn kinderen af van een probleem dat liep en praatte.
Maar het zorgcentrum was een gevaarlijke plaats: mensen takelden daar uitermate snel af. Meestal kwamen ze binnen terwijl ze nog tamelijk goed waren (ze liepen wat ongemakkelijk, waren wellicht niet meer helemaal continent en ze hadden nog wat andere kwalen, maar verder waren ze toch nog aardig goed. Maar al na korte tijd moest je ze uitleggen dat de mensen die hen bezochten hun kinderen waren en hoe die heetten, en nog niet veel later moest je ze vertellen wie ze zelf waren...
Veel verder ging het verhaal niet want toen kwam mijn afspraak binnen.
Het beeld dat King schetst is niettemin zeer herkenbaar. Ouder worden heeft zijn beperkingen, maar zoals iemand vanmiddag zei: het is daarbij een genot om de ontwikkeling te kunnen volgen van je kleinkinderen. Het is een genoegen om iets mee te krijgen van de dingen waar je kleinkinderen mee bezig zijn, hoe zij hun wereld inrichten.

donderdag 1 juli 2010

Zus

Mijn zus zit in een verpleeginrichting in Den Haag, na iets wat ik, als leek, zou benoemen als een herseninfarct. De gevolgen van het infarct waren ingrijpend: een totale verlamming aan de rechterzijde en een vrijwel volledige afasie. Het infarct vond plaats in september 2009. Inmiddels zijn we 10 maanden verder. De verlamming laat geen verbetering zien, maar de afasie lijkt geleidelijk minder ernstig te worden. De afasie heeft twee gezichten. Het ene heeft betrekking op het onvermogen woorden uit het geheugen op te diepen, het andere op het vermogen het spraakvermogen te bedienen. Voor de buitenstaander is het moeilijk vast te stellen door welke van de twee aspecten het resultaat het meest wordt beïnvloed. Het is echter zeer moeilijk vast te stellen in welke mate mijn zus haar geheugen kan aanspreken.
In ieder geval kunnen we constateren dat mijn zus sinds het begin van dit jaar iedere keer dat ik haar bezoek meer woorden tot haar beschikking heeft en van die woorden van tijd tot tijd ook hele zinnen weet te maken. Dat geeft haar grote voldoening. Het gevolg is dat communicatie iedere keer wat gemakkelijker gaat en er steeds meer onderwerpen komen die kunnen worden aangesneden.
Vandaag kon ik haar vertellen van onze ontmoeting met iemand die in Curacao woont, waar mijn zus 50 jaar geleden vijf jaar heeft gewerkt in een zeemanshuis. Op mijn vraag of dat zeemanshuis er nog was, zei ze nee. Het kostte haar daarna een hele tijd om aan te geven dat er in dat zeemanshuis een misdrijf had plaatsgevonden en dat het zeemanshuis in 1968 was gesloten. Een opmerkelijk bewijs dat er veel herinneringen aanwezig zijn.

dinsdag 29 juni 2010

Overleden

Mevr de V is overleden. Zij woonde in ons dorp in het andere straatje, ze was zogezegd onze achterbuurvrouw. En aangezien onze huizen door een steegje (het balkon) zijn verbonden, kwamen wij regelmatig via dat steegje bij haar en omgekeerd. Het was nieuw voor haar die mogelijkheid, want de vorige bewoner van ons huis sloot het steegje zorgvuldig af.
Maar Met mevr de V is in ons dorp weer iemand verdwenen. En zo gaat de een na de ander. Sinds we hier wonen zijn er als ik goed tel al vier overleden. De appartementen blijven geruime tijd leeg staan. Dat ligt vermoedelijk niet zozeer aan de aantrekkelijkheid van de appartementen als wel aan het feit dat de potentiële kopers eerst een ander huis willen verkopen alvorens zich hier te vestigen. En de huizenmarkt loopt niet echt goed.
Vooralsnog zijn de nieuwe en jonge vestigers dus zeldzaam en stijgt de gewmiddelde leeftijd van de overblijvenden. Toch een enigszins zorgelijke ontwikkeling.

donderdag 24 juni 2010

Economische crisis?

In februari 2009 voorspelde het CPB een snel toenemende werkloosheid die wel zou kunnen oplopen tot 9% van de beroepsbevolking. Er werd zelfs een vergelijking getrokken met 1935. In april 2009 bleek dat de ontwikkeling van de werkloosheid achterbleef bij de prognose (NRC 16 april 2009). Maar werd gezegd de klap komt in de zomer. In november heette het dat de recessie officieel voorbij was (NRC 24 nov 2009). maar er wed aan toegevoegd dat het effect van de recessie op de arbeidsmarkt nog jaren merkbaar zou zijn.
De vraag is waarom het CPB zo systematisch de ellende bleef overschatten. Al in februari 2009 was duidelijk dat de werkelijke cijfers achterbleven bij de prognoses van december 2008. In feite leefden we heel 2009 in de verwachting dat de recessie ernstig zou zijn. Dat het aantal werklozen zou stijgen. We leefden niet met de feiten, maar met de verwachting, een verwachting die van overheidswege voortdurend in stand werd gehouden. Daarmee werd ongetwijfeld bijgedragen aan het klimaat van onzekerheid dat rond de huizenmarkt bleef hangen. En de vraag is wederom: waarom?
We zijn nu in juni 2010. De majesteit heeft aan een informateur de opdracht gegeven om de mogelijkheden van een kabinet te onderzoeken met een meerderheid in de 2e kamer. Wederom werd opgemerkt dat de situatie zeer ernstig was en zeker te vergelijken met die in 1935.
En ondertussen worden we er op attent gemaakt dat we binnen heel korte tijd al weer te maken zullen hebben met krapte op de arbeidsmarkt!!

zondag 20 juni 2010

Verandering is lastig

Ik heb een OV-chip kaart. En dat werkt uitstekend. Ik heb geen idee meer wat mijn reizen kost, want alles wordt geregeld via de chip en de automatische afschrijving van mijn rekening. Maar dat draagt bij aan het gevoel te verblijven in een virtuele wereld. Maar we zitten in de overgang van het strippen-systeem naar de OV-chip. En ik heb nog wat strippen die het liefst voor 1 juli moeten worden opgemaakt. Dus deze week ging ik met de bus naar het station en gebruikte één van de drie strippen van € 0,30. Stapte in de trein en dacht er gelukkig aan in te checken. In Den Haag checkte ik netjes uit voor de trein en in voor de tram, bezocht mijn zus in het verpleeghuis. Checkte weer in in de tram en ging naar het station, en checkte weer uit. En toen ging het mis. Ik keek op het station naar de dienstregeling, zag dat ik nog twintig minuten beschikbaar had, wandelde door de kiosk, nam nog een kop koffie en besteeg in gedachten het perron. Ik begon te lezen in het interessante maar moeilijke boek dat ik bij me had en stapte min of meer in gedachten in de trein. De trein was op tijd - zoals wel vaker gebeurt - en reed weg. Op dat moment besefte ik dat ik vergeten had in te checken. Er was vooralsnog geen controle. Ik stapte in Delft uit checkte in en stapte in de volgende trein (5 minuten later) weer in. In Breda was ik zeer alert en checkte uit. En ik dacht eraan om in de bus in Breda die inmiddels ook voorzien is van zo'n automaat, mijn voorlaatste strip te laten stempelen. Maar dat was ik vergeten tegen de tijd dat de bus in mijn buurt was gekomen. Ik haalde de OV-chipkaart langs de automaat om uit te checken, realiseerde me dat dat niet nodig was, zodat ik nu was ingecheckt in plaats van uitgecheckt en wilde haastig de kaart opnieuw langs de automaat halen. De kaart viel daarbij uit mijn handen en onder de bus, zover dat ik er niet bij kon. Gelukkig had de buschauffeur alle begrip. Hij reed de bus een paar meter verder, zodat ik de kaart op kon pakken. De bus ging weer open, ik checkte uit en wandelde naar huis. Gewenningsproblemen zal ik maar denken.