woensdag 26 juni 2019

De mooiste benen van Pladju

In BNDeStem kwam ik in de column van Nynke de Jong de volgende passage tegen. 
Blote benen mogen, maar alleen als je rok tot op de knie komt. Belangrijk is wel dat je hierbij dichte schoenen draagt. En dit alles wordt alleen aangeraden wanneer de conditie van de benen toereikend is.
He is duidelijk deze tekst werd ge├»nspireerd door de eerste hittegolf  van dit jaar. Temperaturen van boven de dertig graden in een land waar air conditioning niet helemaal vanzelfsprekend is en die hier nog zo zeldzaam zijn dat ze nieuwswaarde hebben.
De verzuchting van Nynke is dan ook begrijpelijk en ze prijst zich gelukkig dat ze thuis kan werken.Bovendien kan ik me voorstellen dat ze als vrouw zich druk maakt over de conditie van haar benen. Wat me meer bevreemdt is dat haar werkgever zich daarover druk zou maken.
Maar het doet me terug denken aan mijn eerste werkzame jaren in de tropen. En als je het hebt over kleding: Mijn grootste verwondering indertijd was steeds weer hoe mannen van elke leeftijd en met kennelijk een kantoorbaan of een baan in de dienstverlening erin slaagden over straat te lopen in een keurig meest donker pak met een spierwit overhemd en stropdas (en de onvermijdelijke aktetas).
Het maakte niet veel uit of je aankwam in Singapore, Bombay of Djibouti. Je kon de beambten onmiddellijk herkennen aan hun kleding. 
Moesten deze mensen niet zweten? Mijn indruk is dat ook warmte een periode van gewenning behoeft. Als je een half jaar of langer in die hoge temperaturen verkeert went je lichaam daar in zekere mate aan. Maar toch, een donker pak...
De dresscode voor mij was tamelijk eenvoudig: als officier droeg ik het tropen uniform van de maatschappij: witte broek en wit overhemd. En de uniform broek kwam in twee soorten: kort (die droeg ik meestal) en lang. Over onze benen maakte niemand zich druk, tenminste...
Onze boot (een oude boot van voor de oorlog) voer gedurende enige tijd heen en weer tussen Pladju op Sumatra en Pulau Bukom, een van de eilandjes voor de kust Singapore. Het waren reizen van anderhalf of twee dagen. In Singapore werd olie gelost en bier ingeslagen en in Pladju werd een nieuwe lading olie ingeslagen en werden de lege bierflesjes geruild tegen ananas. Een overzichtelijk bestaan, zij het dat mijn vrije tijd meestal opging aan de zorg dat de machines op de heen en terug weg zouden blijven draaien.
In Pladju was, een paar honderd meter van de aanlegsteiger, een 'club' waar de officieren 's avonds vertier konden zoeken. Er werden dansavonden en andere feestjes georganiseerd. En zo kon het gebeuren dat op een avond het gezelschap dat naar de club was geweest nogal luidruchtig zingend weer aan boord stapte: onze eerste machinist was uitgeroepen tot man met de mooiste benen van Pladju.
Ook in die dagen kon de conditie van je benen doorslag gevend zijn. De benen van onze eerste machinist kwamen dan ook goed uit onder zijn korte uniformbroek.

dinsdag 18 juni 2019

Vrouwenvoetbal

Ik volg met belangstelling de verrichtingen van onze leeuwinnen tijdens het wereldkampioenschap in Frankrijk en natuurlijk ook het commentaar van de deskundigen onder wie nogal wat vrouwen. En dat liegt er niet om. De wedstrijden zijn niet om aan te kijken, de vrouwen bewegen traag, de passes komen niet aan en er gebeurt eigenlijk helemaal niets.
Als het waar is moet ik aannemen dat passes in het mannenvoetbal veel vaker aankomen en je zou dan ook verwachten dat het aantal doelpunten in het mannenvoetbal veel hoger zou zijn. Die hogere scores heb ik nog niet gezien. Hoe kan dat?

Een en ander is niet mijn indruk. Ik verwonder me over de felheid waarmee de vrouwen de persoonlijke duels aangaan en over de lichaamsconditie die nodig is om met deze energie een wedstrijd te kunnen spelen. Gevoelsmatig lijkt het erop dat de vrouwen in de wedstrijden die ik tot dusver heb gezien dichter op hun tegenstander spelen dan bij mannen gebruikelijk is. Het is waar dat er nogal wat passes niet aankomen, maar als men regelmatig naar mannenvoetbal kijkt kan men zich niet aan de indruk onttrekken dat dat daar ook het geval is. Meer? minder?

Waar ik tot dusver in de commentaren niemand over gehoord heb is het fysieke verschil tussen mannen en vrouwen. toch een factor die we niet uit het oog mogen verliezen.
Aangezien ik niet beter weet neem ik even aan dat het veld waarop vrouwen spelen even groot is als dat van de mannen en dat ze met dezelfde bal spelen.
Aangezien vrouwen in Nederland ongeveer 7% kleiner zijn dan mannen, dat hun maximale snelheid ongeveer 10% lager ligt dan die van mannen mogen we er vanuit gaan dat het veld naar verhouding voor vrouwen ca. 20% groter is dan voor mannen.
En waar de spierkracht van mannen ongeveer 30% groter is dan die van vrouwen mogen we aannemen dat de snelheid waarmee dezelfde bal over het veld geschoten kan worden bij de vrouwen aanzienlijk kleiner is dan bij de mannen. Het is begrijpelijk dat het verschil in snelheid wordt waargenomen.
Als men een bal over een grotere afstand moet passen is een kleine fout in de hoek waaronder wordt geschoten belangrijker dan over kleinere afstand. Daar komt bij dat wanneer de bal door een vrouw met een 30% kleinere kracht word geschoten dan door een man terwijl het verschil in snelheid waarmee ze naar de bal kunnen gaan maar 10% is het te verwachten is dat door de vrouwen geschoten passes gemakkelijker door de tegenstander kunnen worden onderbroken dan bij de mannen.
Het komt er op neer dat we de leeuwinnen het veld in sturen met een flinke handicap van zeg ca. 30% en er ons dan over verwonderen dat het spel iets anders verloopt dan we zouden verwachten.
Wat vergelijken we eigenlijk?