maandag 7 januari 2019

Infarct

De dagbegon gewoon. Ik had de wekker ingesteld op 7  uur, maar enkele minuten over zeven bleek dat hij niet was afgelopen. Onder de douchen bedacht ik waarom de wekker niet was afgelopen. Ik had bij het instellen de dag op zondag ingesteld,, terwijl het inmiddels maandag was.
Eenmaal afgedroogd zag ik dat Anneke wakker was. Ik vroeg of ze mijn slippers wilde gebruiken. Ik zette ze op haar bevestigend antwoord voor haar bed en liep naar de andere kant. En terwijl ik mijn onderbroek aantrok constateerde ik dat we op deze kamer geen koffie konden zetten.
Nee, dat kon niet, beaamde Anneke.
Ik pakte mijn overhemd dat over de stoeleuning hing en trok het aan. Na drie knopen vroeg ik me af, wat er met mijn linkerhand was. Ik kon de zoom van mijn overhemd niett vastpakken Eigenlijk reageerde mijn hele onderarm niet. Ik keek naar Anneke en zwaaide - dacht ik - een beetje ongelukkig met mijn arm.
Wat is er?
Hij reageert niet.
Ik dacht dat ik dat zei, maar voor Anneke was het blijkbaar onverstaanbaar. Ze realiseerde zich vrijwel onmiddellijk  dat dit niet goed was.  Ze stond en zei dat ze de dokter ging waarschuwen. Het leek me onnodig. Ik voelde niets bijzonders, een tijdelijke verlamming misschien. Dat trekt wel weer weg.
Maar Anneke was gauw weer terug.
De ambulance komt er aan.
Ik ging door met mijn broek, die met een hand haast niet omhoog  te trekken was, maar na enige tijdreageerde mijn hand weer een beetje. De broek ging omhoog . De riem ging dicht en ik ging zitten voor het volgende karwei: mijn schoenen.
Terwijl ik daarmee bezig was kwam het ambulance personeel voortvarend binnen, zette  een soort gereedschapskist neer en haalde daar meetapparatuur voor mijn bloeddruk uit. Het maakte een beetje nerveuze indruk op mij. Dus ik moedigde ze aan om rustig aan te doen.
Maar meneer. U begrijpt niet wat er aan de hand is.
Ze gingen door zonder zich veel van me aan te trekken en vertelden ondertussen wat er ging gebeuren. Ik zou worden afgevoerd met de ambulance.
Op mijn verzoek werden de veters van mijn schoenen gestrikt. Kon ik staan, lopen?
Ik werd naar de lift gebracht. Ik werd in de ambulance gemanoeuvreerd en kreeg te horen dat ik met toeters en bellen zou worden weg gebracht. 
Ik lag met mijn hoofd in de rijrichting, niet erg goed tegen wagen ziekte. De auto rammelde en schokte en slingerde. Op de achtergrond hoorde ik de sirene. Ik voelde me misselijk worden. De broeder naast me had inmiddels  een infuus in de pols geprikt. Ik vroeg om een zakje. Ik begon nu echt misselijk te worden, maar slaagde erin mijn maaginhoud binnen te houden.
Ik heb daar ook last van, zei de broeder bemoedigend.
Ik werd uitgeladen en met enige moeite  door de gangen gestuurd.
Wat is uw geboortedatum? Ik antwoordde kennelijk bevredigend.
Hoe voelt u zich?
Misselijk.
U mag dat zakje wel even bij u houden.
Ik hield het zakje bij me.
Terwijl ik het CT scan apparaat werd ingeduwd vroeg ik me af wat eventueel het resultaat zou zijn als ik moest braken.
Het kwam er niet van.
De scan laat geen bloeding zien, maar dat zegt niets. Het kan zijn dat er ergens een bloedprop zit. We geven u eerst sterke bloedverdunner. Misschien dat zo' n propje dan wel oplost of wordt meegenomen.  Maar het is niet zeker. En u hebt flink wat aderverkalking, maar dat is niet gek voor uw leeftijd.
Ik suggereerde wat azijn, maar dat bleek geen goed voorstel.
Ik werd naar een vierpersoons kamer gebracht. Hier verscheen een groot aantal mensen. En ze stelden zich allemaal netjes voor. In de eerste plaats Kirsten die de apparatuur aansloot en mijn voortgang monitorde .  En de neuroloog, en de logopedist. ..
Ik ben in het ziekenhuis.

Geen opmerkingen: