maandag 31 januari 2011

Gewoontes

Als ik mijn eigen gedrag als uitgangspunt neem, is de mens in sterke mate een gewoontedier. Ik betrap me erop, dat, als ik regelmatig aanschuif voor een vergadering, ik de neiging heb steeds dezelfde plaats aan tafel te kiezen, als ik me regelmatig in een restaurant vertoon ik mijn vaste plaats probeer in te nemen. etc.
Als we van hier naar Benna in Frankrijk hebben we onze vaste stopplaatsen. Kalken op de heenweg en Nazareth op de terugweg. Dat is een overblijfsel uit de tijd dat onze kinderen nog klein waren en erop moesten toezien dat we regelmatig rust namen onderweg, dat is dus al bijna veertig jaar. We kennen het wegrestaurant bij Nazareth dus aardig goed, zonder te zeggen dat we ieder personeelslid daar kennen, want daar zit nogal wat verloop in. Dit keer kwam er een serveerster om onze bestelling op te nemen. Iemand met een verbazend opgewekte stemming, iets wat ons redelijk onbekend voorkomt in deze gelegenheid, waar het personeel meestal pas ontdooit als je ze vriendelijk toespreekt. Het brengen van de koffie duurde geruime tijd, hetgeen min of meer begrijpelijk is als je de afstanden in dat restaurant in aanmerking neemt, maar werd gebracht door een iets minder uitbundige serveerster. In al die jaren is een ding duidelijk: als je wilt afrekenen kost het enige moeite iemand te vinden die bereid is je geld in ontvangst te nemen. In dit geval ging het anders. Onze opgewekte serveerster stond plotseling naast onze tafel terwijl we de eeste slok van onze koffie nog moesten verwerken met de kassabon.
- Dat is €4,25, meneer, wilt u dat nu meteen afrekenen?
- Is dat iets nieuws?
- Ja, dan kunt u ook zo weglopen als u uw consumptie op hebt.
We keken enigszins verbaasd, maar ik betaalde, terwijl de opgewekte zei:
- Er zijn toch iedere keer mensen die weglopen zonder te betalen.
Ze liep naar het volgende tafeltje. Even later kwam ze terug:
- Ja meneer, het is een maatschappij waarin we leven. En het komt allemaal op mijn kassa en mijn rekening.

zondag 23 januari 2011

Op leven en dood

De lijkwagen die hier op 9 januari wegreed bleek de bewoner van nummer 9 te hebben meegenomen. De man was blijkbaar aan een hartstilstand overleden, maar pas enkele dagen later gevonden. Een onverwacht overlijden voor ons straatje.
Inmiddels waren nummer vier en nummer zes onlangs verkocht en inmiddels opnieuw ingericht. Dat ging niet helemaal zonder storingen, maar daarvan heb ik eerder melding gemaakt (zie Ongelukje). Maar dat alles lijkt inmiddels lang achter ons. We verheugden ons op de komst van de nieuwe bewoonster van nr 6 die had aangegeven graag een bijdrage te geven aan het werk van de vereniging.
Op de nieuwjaarsbijeenkomst werd onder het genot van een hapje en een drankje geen wanklank meer gehoord. Alleen... de bewoonster van 6 ontbrak op die bijeenkomst. Ze was de vorige avond door een van onze buren naar het ziekenhuis gebracht omdat ze zich niet goed en erg benauwd voelde. In het ziekenhuis werd ze een paar dagen opgenomen ter observatie. Maar slechts een paar dagen later werden de berichten snel slechter. Het bleek dat zich een snelgroeiende tumor in haar luchtwegen had genesteld. En nog een paar dagen later bleek dat medisch ingrijpen niet meer mocht baten. Ze overleed in haar slaap.
De crematie was gisteren, een sobere maar indrukwekkende bijeenkomst. Opnieuw is duidelijk hoe kwetsbaar het leven dan is.

vrijdag 14 januari 2011

Reizen

De reis naar Den haag met het openbaar vervoer is al haast een routinezaak geworden. Met de bus van 8.51 naar het station, en dan met de trein van 9.09 naar Den Haag. Het enige waaraan ik hoef te denken is dat ik in- en uit check met mijn OV-chipkaart. Deze keer kwam ik in de hal van het station aan om negen uur en keek ook min of meer routinematig naar het bord met vertrektijden. Het zou kunnen zijn dat mijn trein van een ander perron zou vertrekken. De intercity van 8.39? Had 30 minuten vertraging stond er achter. Als dat klopte was er niets aan de hand en was ik gewoon op tijd. Toen ik op het perron kwam bleek dat op het (nu nog lege) spoor vanwaar ik moest vertrekken de trein van 8.52 gepland was met ong. 15 min vertraging. Het was 9.02. Enfin even wachten dus. Maar terwijl ik richting kiosk ging om een kop koffie te halen, rolde een trein binnen. En toen ik nog eens keek bleek dat mijn intercity van 8.39 te zijn. Ik stapte in en vroeg aan de jongedame die enigszins slaperig tegen het raam zat op een half lege bank of ik naast haar mocht zitten.
Ja natuurlijk, dat mocht en ze schoof haar tas wat naar zich toe. Ze sliep denk ik nog voor ik me geïnstalleerd had. Toen de trein weer stil stond schrok ze even wakker.
Waar zijn we?
Dit is Dordrecht.
Oh, ze zakte weer terug en was in slaap nog voor de trein weer reed.
In Rotterdam stonden we weer stil. Het meisje sliep nog steeds. Wat nu? het feit dat ze in Dordrecht wakker was geworden leek er op te wijzen dat ze niet naar Den Haag Centraal moest. Ik besloot haar wakker te maken en tikte haar voorzichtig op de schouder. Geen reactie. Nog maar een keer dan. Nu reageerde ze.
We zijn in Rotterdam, zei ik.
Oh, in Rotterdam? Dan moet ik er uit.
Ze pakte haar jas en haar tas en terwijl ze voor me langs naar het gangpad manoeuvreerde zei ze nog: dank u wel. En weg was ze.

zondag 9 januari 2011

Consternatie

Wij letten niet goed op, zoveel is zeker. Het was ons dan ook niet opgevallen dat zich een aantal politiewagens verzamelde bij de ingang van ons dorp. We zaten juist te kijken naar de laatste aflevering van Millennium.

Maar onze buurman is alert. Toen hij belde met het nieuws keken wij ook eens uit het raam: hij had gelijk. Er stonden vier politiewagens. Er was er zelfs een van het forensisch laboratorium. Maar dat was eigenlijk ook alles wat we te horen kregen, want de politie gaf geen enkele informatie over wat er aan de hand was, zodat we terugkeerden naar het proces in Stokholm.

Ze zijn weer weg vertelde de buurman later, terwijl Lisbeth Salander juist de gefilmde verkrachting vertoonde in de rechtszaal, maar ze hebben een lijkkist afgevoerd. Dat klonk ernstig. Maar omdat verdere informatie uitbleef en het niet duidelijk werd bij wie de politie was geweest bleven we met de vraagtekens zitten.

Wat is er gebeurd?

donderdag 23 december 2010

Cobie

De weersomstandigheden waren niet erg florissant toen we dit keer naar Den Haag gingen. Hoewel ons stoepje geveegd was, moesten we naar de bushalte toch het grootste deel door de sneeuw waden. Zelfs op dit vroege uur was de sneeuw bezig steeds zachter te worden. Het was niet erg duidelijk hoe de dienstregeling was. Voor Breda en Noord-Brabant was het nog geen vakantie, maar Veolia had deze week eigenlijk al de vakantieregeling in gezet. Had de discussie met de gemeente nu wel of niet wat opgeleverd? Hoe dan ook het duurde niet zo lang of we konden gewoon in bus 5 stappen en kwamen ruim op tijd op het station aan. De NS had wel een aangepaste dienstregeling, maar verstrekte een gratis kopje koffie vanwege het winterse ongemak. Onze trein die aangepast om 9.09 ipv 9.10 zou vertrekken, had volgens de aankondiging ong. vijf minuten vertraging. Het was ruim kwart over 9 voor we in konden stappen. We hadden ons net geïnstalleerd toen het licht uitging. Dat gaf al een gevoel dat er iets niet helemaal naar wens ging. Een of twee minuten later ging het licht weer aan, maar de trein bleef staan. Nog even later werd iedereen verzocht uit te stappen en plaats te nemen in de trein aan de andere kant van het perron. Onze trein was kapot. Die andere trein zou weliswaar geen intercity zijn, maar hij zou ons wel in Den Haag brengen. Reizigers vormen een gewillig volkje en dus stapte iedereen zonder morren over. De conducteur maande ons daarbij aan tot spoed want hij wou nu eindelijk wel eens vertrekken. Toen we goed en wel reden, kwam de boodschap door dat de reizigers in treinstel 2 geen verwarming hadden; als zij warm wilden zitten moesten ze maar elders een plaats zoeken. De conducteur had er overigens geen idee van hoe laat we aan zouden komen. De reis verliep verder zonder veel hindernissen: we waren tegen elven in Den Haag - inmiddels drie kwartier later dan anders. Ook hier was de dienstregeling enigszins in de war: tram 1 bleek niet te stoppen voor het station. Na enig heen en weer vragen bleek dat we met lijn 16 één halte mee konden gaan om bij de volgende halte op lijn 1 te stappen. We hadden pech.
We konden lijn 1 voor ons uit zien rijden zodat we die misten. Lopen of wachten? Toch maar wachten. In Den Haag lag vandaag zeker zoveel sneeuw als in Breda en dan betekent wachten toch een geleidelijk afkoelen van de voeten. Ik keek eens op mijn horloge en bedacht dat Cobie echt om twaalf uur zou willen eten. Het was bijna tien over elf toen we op lijn 1 konden stappen, die ons weliswaar niet op volle snelheid maar toch zonder verder oponthoud naar de Scheveningseweg bracht, vanwaar we nog een paar minuten door de sneeuw moesten waden naar het huis waar Cobie woont. Het was nu bijna half twaalf. We werden ontvangen met de mededeling dat Cobie deze ochtend een beetje laat was. Het was niet zeker of ze al klaar was. En inderdaad toen we boven kwamen zat Cobie nog onder de douche. Tegen tien over half twaalf konden we binnenkomen. Maar veel meer dan een begroeting en een kopje koffie zat er niet in. Tegen twaalf uur zei Cobie: als je het niet erg vindt... We begrepen de hint, liepen met haar naar beneden naar de eetkamer en namen afscheid.
Nu weer terug met lijn 1 naar de Kneuterdijk voor onze lunch bij Garoeda. Toen we daarna (en na nog wat boodschappen) weer terug gingen naar de tramhalte bleek dat we met lijn 15 of 16 naar het Centraal Station moesten. Dat was niet zo erg want de intercity naar Venlo vertrekt normaliter vanaf het CS. Alleen vandaag niet. De intercity's naar Venlo waren uitgevallen. Er was wel een trein naar Dordrecht. We hadden geluk, want in Dordrecht hoefden we maar een goed kwartier te wachten op de aansluiting naar Breda. En opnieuw bood de NS ons een gratis kopje koffie aan te verkrijgen bij de kiosk. We waren om bijna half zes weer thuis.
Een dagreis voor een bezoek van ca twintig minuten. Maar Garoeda vergoedt veel.

dinsdag 14 december 2010

Kerstboom

Het moest ervan komen. Ergens tussen Sinterklaas en Kerstmis moet de kerstboom geplaatst worden. We hebben sinds we in dit dorp wonen een kunstkerstboom. Dat is handig; vroeger kochten we een echte kerstboom bij een neef van de buurman en nog vroeger ergens in de stad. We hebben zelfs één keer een kerstboom gekocht met een vriendin samen. Bij ons stond de boom tot en met eerste kerstdag en toen brachten we hem weg naar die vriendin. Dat was milieubewust handelen. Zolang we nog niet in dit dorp woonden werd de kerstboom met kluit en nadat hij zijn werk had gedaan in de tuin geplaatst. Soms ging dat goed en 'sloeg hij aan', maar vaak lukte dat niet en dan kwam de verdroogde kerstboom voor verbranding in aanmerking. Al hebben we wel eens een kerstboom gehad die in verdorde toestand een paar jaar bleef liggen. Een keer hebben we besloten dat de kerstboom toch wel overdreven was en besloten we een kleintje te nemen. Toen ik op de fiets terugkomend van mijn werk in de stromende regen onderweg een handzaam boompje had gevonden van ongeveer 40 cm hoog, bleek bij thuiskomst dat Anneke hetzelfde had gedaan. Dat jaar hadden we twee kerstbomen.
Dat is allemaal niet meer nodig. In dit dorp hebben we één echte centrale kerstboom die staat bij de ingang en een kerstboom comité dat zorgt voor de versiering. En in ons huis hebben we dus nog een extra kunstkerstboom. Een mooi exemplaar van ongeveer 140 cm hoog, met een stam uit drie delen en opvouwbare takken. Verlichting is ingebouwd, dus we hoeven niet te zoeken naar de kaarsen. Maar ondanks zijn afmetingen maakte de uitgevouwen kerstboom een kleine indruk. Hij moet ergens op zeiden we. hij stond toch vorig jaar ook ergens op? Ja dat is waar maar dat was op het kampeertafeltje en dat staat in Frankrijk. Het is toch wat omslachtig om dat tafeltje op te halen. Weet je wat? We gaan naar Ikea en kopen een kerstboomtafeltje.
Zo gezegd zo gedaan. Het was druk bij Ikea, maar we vonden toch een parkeerplaats niet ver van de ingang. Enige tijd later liepen we de woonkamer afdeling binnen en het eerste wat ik zag was het ideale tafeltje. Vierkant goede afmetingen, €4,99. Zo gauw kun je echter geen tafeltje kopen dus we liepen de hele route door meubels, keukens, kantoren... Totdat er omgeroepen werd dat we onze auto moesten verplaatsen. Dan blijkt dat de route door Ikea ook wel wat bezwaren heeft: ik moest nog langs de slaapkamers, kinderafdeling, serviesgoed, verlichting, huishoudelijke apparatuur, dekbedden en magazijn voor ik via de kassa bij de garage kon komen om de auto te verzetten - hij stond blijkbaar op een plaats die bedoeld was als doorgang. Toen ik Anneke weer had terug gevonden bij de koffie zijn we weer langs de huishoudelijke dingen, enz. maar rechtstreeks naar het magazijn gelopen en hebben dat eerste tafeltje meegenomen.
We waren binnen twee uur weer thuis.
Het is een uitstekend tafeltje en nu een indrukwekkende kerstboom.

donderdag 11 november 2010

Samenloop van omstandigheden

De man van de lampenwinkel belde dat hij onze lamp gerepareerd had en dat hij (de lamp) opgehaald kon worden. Het is een lamp van ongeveer twee meter hoog, waarvan de gloeilamp en de fitting het begeven hadden. Een slank model dat wel, maar een dat met enige zorg in de auto moet worden vervoerd. Omdat de lampenwikel in het centrum van de stad is op een zestig meter van de ingang van de parkeergarage, stalde ik mijn auto in de parkeergarage van De Barones, maar moest daarvoor wel naar de 3e parkeerlaag. Ik had geluk. Mijn parkeerplaats was de plaats het dichtst bij de uitgang aan de Tolbrugstraat, waar ook de lift was. Toen ik drie minuten had staan wachten op de lift heb ik de conclusie getrokken dat die niet functioneerde en liep ik de zes trappen maar af in stilte enige krachttermen uitend.
Op dat moment hield het op met zachtjes regenen. In mijn wandeling naar de lampenwinkel bedacht ik dan ook dat ik maar zou vragen de lamp af te dekken met een plastic zak. Ook nu had ik geluk. De man van de lampenwinkel had dat zelf al gedaan met bobbeltjesplastic dat niet alleen de lamp droog hield maar hem ook beschermde.
Moet je ver? vroeg de lampen man.
Ik sta in De Barones, maar de lift werkt niet.
Er is nog een lift hier bij Albert Heijn, die kan ik je adviseren.
Oh dat is waar ook, en ik liep naar AH, waar al meer mensen zich bevonden in de omgeving van de lift. Iemand voor me stond vergeefs zijn parkeerkaart in de betaalautomaat te stoppen en drukte op alle knoppen die er waren. Vergeefs: de automaat werkte niet. Ik mompelde wederom (maar nog steeds in stilte) enige krachttermen, nam de lamp weer op en wandelde door de regen terug naar de ingang aan de Tolbrugstraat. Daar werkte de betaalautomaat wel. Maar deze vertelde me dat ik nog enkele minuten had om uit te rijden voordat het gratis eerst kwartier was afgelopen. De lift deed het hier nog steeds niet. En terwijl ik de zes trappen opliep naar de 3e parkeerlaag bedacht ik dat ik dus zonder meer in de lift bij Albert Heijn had kunnen stappen. Ik had de parkeerautomaat helemaal niet nodig.

Ongelukje

In ons dorp hebben twee huizen nieuwe bewoners gekregen. In beide gevallen stond er vrij veel druk op de verhuizing. De ene verhuizing moest eigenlijk voor 1 november plaatsvinden (het werd de negende) en de andere op de twaalfde. Maar in beide gevallen moest er toch ook wat veranderd worden aan de inrichting, zodat het de afgelopen weken een gaan en komen was van werklieden onder aanvoering van hun aannemer. Tja en toen ging de aannemer iets te ver. Het bleek dat de oude afvoer van de badkamer moest worden vervangen. Hij moest worden los gehakt uit het omringende beton. Een klapje teveel en toen keek hij in de badkamer van de onderbuurman. Het was natuurlijk niet zo bedoeld. Een ongelukje eigenlijk. De buurman toonde zich allerminst blij. Maar wat voor hem de deur dicht deed was het water dat een paar uur later tegen zijn huiskamer raam aan spatte: een medewerker van de aannemer spoelde volijverig het balkon schoon.
De spanning liep merkbaar op. De nieuwe bewoonster bood haar excuses aan en de aannemer maakte gauw de vloer dicht.
Toen ik haar later sprak, vertelde de nieuwe bewoonster dat ze bij de ingang iemand was tegen gekomen die haar had gevraagd waar ze moest zijn. Op haar antwoord: op zes, was de reactie: oh, met dat gat in de badkamer. Zo gaat dat in een dorp je hoeft je meteen niet meer voor te stellen.

zaterdag 25 september 2010

Soep

In het hotel in Dusseldorf gingen we na het aperitief naar het restaurant. De ramen van de halfronde zaal keken uit op de wegen die naar en van het vliegveld voeren. Het middendeel van de zaal lag een vijftal treden hoger dan de buitenste ring van tafels. De beide ruimten waren gescheiden door een wand die aan de buitenkant misschien 1 meter 80 hoog was. We gingen aan een van die tafels zitten en keken naar de wisselende intensiteit van het verkeer beneden ons. Een vrouwelijke ober kwam ons vragen wat we wilden drinken. Het kostte ons in dit geval moeite om te schakelen tussen het Engels van Betty en het Duits van de ober. Het was geen probleem zei de ober en ging over op Engels, maar het was duidelijk dat Engels geen dagelijkse praktijk voor haar was: een potentiële bron van misverstanden. Toen onze drank was gebracht en dezelfde ober kwam vragen wat we wilden bestellen, was onze discussie daarover nog niet beslist, maar uiteindelijk besloten we tot vier maal Wiener Schnitzel, waarvan er een zou worden gedeeld tussen Anneke en Betty met frites. Dit alles werd genoteerd door de ober. Ik wil soep, zei Betty; het werd linzensoep. Geef mij dan ook maar soep, zei ik. De ober noteerde.
Vroeger, vertelde Freerk aan Betty, hebben we een tijd gehad dat we iedere week in een restaurant gingen eten en Vader nam altijd - als enige - soep, zodat wij altijd moesten wachten voor we met eten konden beginnen. Maar nu houd ik Betty gezelschap, zei ik, terwijl de ober met haar opdracht verdween.
Op het verhoogde middengedeelte van het restaurant was een jongeman komen zitten, die zijn eigen bestelling deed. Onder hem tegen de wand nam een jonge vrouw plaats alleen aan een tafeltje. Ik bedacht dat hij eigenlijk net zo goed een etage lager aan het tafeltje van de jonge vrouw kon gaan zitten. Ondertussen werd de soep voor Betty door een andere vrouwelijke ober gebracht en ontspon zich enige discussie over mijn soep. De jongedame verdween nadat we hadden duidelijk gemaakt dat we toch echt twee soep hadden besteld. Er ontstond weer een pauze, waarin Betty haar soep nuttigde en voor mijn ogen zich het scenario afspeelde dat ik al bedacht. De jonge man boog zich over de wand sprak even met de jonge vrouw onder hem, pakte zijn spullen en kwam naar beneden. Toen hij daar goed en wel zat, kwam de ober met zijn bestelling en verdween weer met de bestelling toen hij het tafeltje leeg aantrof.
Bij onze tafel verscheen nu een mannelijke ober met twee borden soep. Hij verdween weer schouderophalend toen wij er maar een wilden hebben met het andere bord. Betty had haar soep al enige tijd op zodat mijn tafelgenoten toch weer op mij moesten wachten.
Onze eerste ober kwam zich even later verontschuldigen voor het misverstand, maar was zo wijs even te controleren of ze de rest van onze bestelling goed had begrepen.

vrijdag 3 september 2010

Herfst

Deze week is de meteorologische herfst begonnen. We kunnen het merken aan de geleidelijk dalende temperaturen en de korter wordende dagen. Bij het weerbericht is men optimistisch en spreekt men van nazomeren en fraaie wolkenluchten. Maar deze week in Vlissingen op het strand waren er maar weinigen die het water van de zee uitprobeerden. En de kastanjes zijn vrijwel rijp.
Onze duif is verdwenen. Toen ik eenmaal de hor voor de deur van de huiskamer had gehangen is hij niet meer verschenen. Zelfs onze buurman zegt er niets meer over. Het zou natuurlijk kunnen zijn dat de duif weg gespoeld is door de regen. Want het heeft een paar keer flink geregend op ons dorp. De eerste keer liep alleen de hal in het andere straatje onder, de tweede keer beide hallen. Die tweede keer was dat juist toen we het ons ś avonds gemakkelijk wilden maken dat om half twaalf de bel ging en we erop attent werden gemaakt dat er een lek was. Gelukkig en misschien ook wel niet was er geen lek. De regen was zo overvloedig gevallen dat de afvoer via het riool het water niet aankon. Het liep over de drempel, maar kon toen nergens meer heen. Na een half uur werken met een wisser en een paar dweilen was het water weer weg en de hallen waren aangedweild. Gelukkig geen lek, want nu hoefde er geen loodgieter bij te komen, maar misschien ook wel niet want als de voorspellers gelijk krijgen zou er de komende tijd wel eens meer veel regen kunnen vallen en komen we vermoedelijk vaker met de voeten in het water te staan. Het vergroten van de capaciteit van het riool is niet zo'n eenvoudige zaak.