donderdag 29 december 2011

Onaf

De kalender voor dit jaar nadert zijn einde. De scheurkalender bevat nog slechts enkele blaadjes. Als het weer het toelaat deze dagen kun je zelfs zien dat de dagen weer langer worden. Als we even terugkijken naar de belevenissen van de afgelopen maanden in ons dorp blijven een paar dingen onopgelost.
Daar is in de eerste plaats het geluid van mevr. A. Nadat we de loodgieter ernaar hadden laten kijken en mogelijk trillende pijpen hadden laten scheiden, was het minder, zei mevr A. maar het was niet weg. Maar toen begon de vakantie en ze besloot het even af te wachten. En iedere keer als ik haar tegenkwam meldde ze de situatie. Het geluid was niet weg, maar het was dragelijk. Die mededeling hield een zekere dreiging in. Als het geluid zich weer voordeed - of als ze er weer last van kreeg, twee verschillende dingen - zou ik het horen. Bijzonderheid is dat alleen zij er last van heeft. Is haar gehoor uitzonderlijk scherp? Of haar hinderdrempel bijzonder laag?
Tot haar voordeel moet worden vastgesteld dat ze niet reageert op de geluiden die veroorzaakt worden door de herinrichting van enkele van de woningen in ons straatje.
In de tweede plaats de vliegen van mevr B. aan het eind van de straat en tegenover meneer R. Mevr. B. heb ik niet meer horen klagen over de vliegen, maar meneer R. was niet tevreden. Ook na de drastische aanval met speciale chemische middelen bleef hij last houden. Ik was er al niet helemaal gerust op. Want om de reparatie aan de lift mogelijk te maken had ik de chemicaliën weg gehaald en daarna geconstateerd dat er nog steeds vliegen waren. Volgens R. kwamen ze van buiten, maar met buitentemperaturen lager dan tien graden worden de in Nederland inheemse insecten zo traag dat ze zich buiten niet vertonen. Meneer R. dreigt ondertussen met maatregelen. Maar hij heeft een probleem. Eigenlijk woont hij in een enclave. Hij huurt van een andere eigenaar en hij behoort niet tot onze vereniging.
De vliegen moeten even wachten tot in het nieuwe jaar. Een nieuw jaar en het start met een oud probleem.

dinsdag 27 december 2011

Intelligene vliegen

Het gesprek was via de onvoorstelbaarheid van tijd en ruimte gekomen op de evolutietheorie en ik constateerde dat als we van die theorie uitgingen de mens evenver op de evolutionaire ladder staat als...
- De vlieg, vulde de dame aan met wie ik zat te praten. De vlieg was niet het eerste dier waaraan ik zat te denken, maar mijn gesprekspartner op dit verjaardagsfeestje was nu niet meer van de vliegen af te krijgen. Ik dacht al aan de vliegenplaag in ons dorp, maar was niet geheel voorbereid op de volgende opmerking.
- Vliegen zijn intelligent, zei ze.
- Alleen is het moeilijk met ze te communiceren, was mijn rem op haar enthousiasme.
- Nou... laatst zat er een vlieg bij mij in de kamer en ik wilde er vanaf. Dus ik nam een vliegenmepper en gaf een klap.. mis. Die vlieg ging ergens anders zitten en ik gaf weer een klap, opnieuw mis. (haar woorden werden onderstreept door de beweging van haar handen). Toen ik de derde keer weer mis sloeg, dacht ik: drie keer is scheepsrecht. Als je zo handig bent mag je blijven leven. Die vlieg volgde me daarna overal. Als ik 's morgens wakker werd vloog hij heen en weer in mijn slaapkamer. En bij het ontbijt kwam hij naast me zitten. Op een gegeven ogenblik zag ik hoe hij heel dicht bij zijn vleugels begon schoon te maken. Heb je dat wel eens gezien?
Ik bevestigde dat ik dat wel eens gezien had. En vroeg me ondertussen af of de vlieg in kwestie een hij of een zij zou zijn geweest.
- Heel fascinerend. Die vlieg kwam bij me op mijn knie zitten en dan kon ik tegen hem praten. Maar op een dag was hij weg. Toen ik wakker werd vloog hij niet meer heen en weer in mijn slaapkamer.
Tja, vliegen worden niet zo oud, opperde ik, hij zal wel overleden zijn.
- Ik heb het hele huis doorgekeken, maar zag hem niet meer. Toen ben ik boodschappen gaan doen en toen ik daarna terugkwam, zag ik hem liggen.
Waar, wilde ik nog weten.
- Onder een stoel...
-Willen jullie wat drinken?, onderbrak de gastvrouw de necrologie.

zaterdag 24 december 2011

Cadeautip

Op de uitnodiging hadden we gezet cadeautip: envelopje.
Het werd een groot feest en veel genodigden gaven een envelop met inhoud. Na afloop telden we de goede gaven door de enveloppes te openen en de inhoud er uit te halen. Omdat de enveloppes daarna geen speciale waarde meer hadden werden ze verscheurd om toegevoegd te worden aan het oud papier.
Er ging natuurlijk wat mis. Op een gegeven ogenblik een kreet: het bleek dat er een biljet doormidden was gescheurd samen met de envelop. Wat nu? De eerste reactie was, we moeten de helften maar aan elkaar plakken met een stukje plakband. Ik besloot met de beide helften naar de bank te gaan in de verwachting dat het daar ingenomen zou worden en vervangen door een heel en nieuw bankbiljet.
Toen ik bij de bank aan de beurt was en de situatie uitlegde, zei de dame achter de balie:
Wel meneer, dan moet u het weer aan elkaar plakken.En toen ik haar verwonderd aankeek pakte ze een rol plakband die kennelijk naast haar op de balie stond en plakte daarmee de beide helften weer aan elkaar. Ze deed het wel heel zorgvuldig. Dat wel.
Toen dat gelukt was overhandigde ze me het biljet en zag kennelijk de twijfel die nog niet van mijn gezicht was geweken.
Als u nu een nieuw biljet wilt hebben, dan moet u hiernaast - ze wees op de muur naast de balie - dit biljet in de geldstortmachine doen met uw pasje. En vervolgens gaat u naar de geldopneem machine ernaast, dan kunt u het geld weer opnemen van uw rekening.
En zo geschiedde; ik stopte mijn bankpasje in de geldstort machine die drie keer bevestiging vroeg van het bedrag dat ik stortte. Vervolgens naar de machine ernaast, bankpasje erin en geld opgenomen. En dat in de hoop dat het verscheurde bankbiljet er niet weer uit zou komen. Modern geldwisselen: zorgvuldig plakken en verder komt er geen mens aan te pas.

zaterdag 3 december 2011

Sinterklaas in Frankrijk

't Is zaterdag ochtend 3 december. Vanmiddag moet Sinterklaas hier langs komen. Het is niet meer de Sinterklaas van mijn jeugd. Of zoals ik hem me voorstel in mijn jeugd. De geheimzinnigheid is verdwenen. Onze kinderen geloven niet meer in de goedheiligman en onze kleinkinderen al evenmin. Hier lopen ze heen en weer om pakjes in te pakken in het Sinterklaas pakpapier dat werd meegenomen uit Nederland. Men zit te zwoegen op gedichten want dat hoort er ook bij. Rond de lunch komen Richard en Céline en dan speelt hetzelfde tafereel zich nogmaals af maar in versnelde vorm. Alle pakjes worden verzameld in de logeerkamer. En na het eten vanavond is het zover. Dan worden de pakjes bij elkaar neer gezet in de huiskamer. De haard wordt aangestoken. Ik pak mijn trekharmonica en speel alle Sinterklaasliedjes die we kennen. Ze worden uit volle borst meegezongen, ook door Céline. Het zijn de liedjes uit mijn jeugd. Met woorden waarvan de betekenis evenzeer verdwenen is als die van kerkliederen. "Ban dus vrij de vrees uit 't hart"..., "een draaitol met een zweep erbij...". Wat betekent dat allemaal voor de Fransen?
Zo hoort het. En zo is het goed
En daarna worden de pakjes uitgepakt die nog maar net werden ingepakt. Maar toch verandert ook hier de aandacht. Toen de kleinkinderen nog klein waren was de aandacht voor de gedichten maar kort en die voor de geschenken groot. Die verhouding is aan het verschuiven. Er komt meer aandacht voor de inspanningen die in rijmwerk is gestoken. En ook dat is goed. Maar wat doe je eigenlijk met de gedichten als Sinterklaas weer weg is?

zaterdag 15 oktober 2011

Vliegen

Gewoonlijk zijn er weinig vliegen in ons dorp. Wij komen er in het voor- of najaar wel eens een tegen, maar die zijn kennelijk verdwaald en aan het eind van hun leven. Ze vliegen meestal traag en laten zich gemakkelijk vangen. Het was dan ook opmerkelijk dat mevr B. meldde dat ze zoveel vliegen had in haar slaapkamer. Ik kwam eens kijken - want in mijn rol van lid van de technische commissie kan ik overal komen kijken - en inderdaad er zat eigenlijk een hele zwerm vliegen in die slaapkamer. Nu bleek me ook dat de sponning van het slaapkamer raam een nogal grote opening vertoonde. Een korte remedie: we sloegen zoveel mogelijk vliegen dood en mevr. B. liet haar raam opnieuw kitten. Dat was nu al verscheidene maanden geleden.

Maar onlangs bleek dat de vliegenplaag bij mevr B. nog niet was geëindigd. Bovendien bleek bij onze maandelijkse rondgang dat ook in de liftmachinekamer een ongewoon groot aantal vliegen rondvloog. Hier moest ingegrepen worden, maar hoe? De gemeente bellen en de ongediertebestrijding laten komen? Dat leek tamelijk overdreven.

Maar op een verjaardagsfeestje hoorden we van iemand die haar tuintje met verse koemest had bewerkt en daaraan een overdaad aan vliegen had overgehouden. Ze was naar de boerenbond gegaan en had daar een zak met spul gehaald waar de vliegen op af bleken te komen: weg vliegen. Dat leek een goed plan. Ik ging dus naar de boerenbond kocht twee van die zakken en las de gebruiksaanwijzing. Temperatuur 24- 25 is het beste, dus in de zon hangen, maar alles wees erop dat de zak eigenlijk het beste buiten kon hangen. Is het wel goed om zo'n zakje bij mevr B. in de slaapkamer te hangen? Laat ik maar beginnen met de liftmachinekamer en bezien wat daarvan het resultaat is.

zondag 9 oktober 2011

Altijd in het weekend

De begrafenis van Toon was op zaterdag om half elf. Tijd genoeg om eerst de wekelijkse boodschappen te doen. Dus toen ik tegen half tien de auto weer had geparkeerd, ging ik naar boven om me om te kleden. Er was tijd genoeg, maar rekening houdend met de mogelijkheid dat het druk zou zijn in Teteringen en daardoor het vinden van een parkeerplaats moeilijk, gingen we om tien voor tien naar beneden, stapten in de auto en ik startte de motor, althans dat was de bedoeling. Maar al wat er kwam was een gierend geluid. Dat bleef zo, ook toen ik met een geleerd gezicht onder de motorkap keek en zag dat de v-snaren er in ieder geval goed uitzagen. Het kwam ongelukkig uit, want maandag had ik een afspraak in Loosdrecht. Als de auto niet voor het weekend werd gerepareerd, moest daar ook iets aan gedaan worden. Gelukkig was de buurman thuis en die bracht ons naar Teteringen, met de belofte klaar te staan als we hem belden. Dit had het bijkomende voordeel dat we geen parkeerplaats hoefden te zoeken. We konden rustig de kerk inlopen, het condoleance register tekenen en aanschuiven in de banken die langzamerhand gevuld werden. Het werd een traditionele mis, met koor. Ook verder was de traditie in ere gehouden. De dragers van de kist waren de buren uit het buurtje Hoeveneind-Stidstraat. Er zou een heleboel te zeggen zijn over de de levensloop van Toon en de tegenslagen die hij met zijn gezondheid had gehad, maar dat is een apart verhaal. Het had zijn geloof niet aangetast en zoals in de rouwkaart was aangegeven: hij hoopte Nel aan gene zijde weer te zien. De kerkgangers liepen na de dienst achter de kist naar het kerkhof aan de overkant van de straat in de stromende regen, zodat het moeilijk was om de paraplu's uit elkaar te houden. En terwijl we van het kerkhof naar de dorpsherberg liepen bedacht ik dat ik toch op de een of andere manier contact moest zien te krijgen met de Hyundai hulpdienst. Mijn telefoon stond uit, het eerste werk was dan ook om die weer aan te zetten en het daarvoor geschikte nummer te bellen. Het was inmiddels kwart over twaalf, zodat ik de hulpdienst nog even tot kalmte moest manen, anders had die al binnen een half uur voor mijn deur gestaan, we spraken af om ongeveer half twee. Terwijl ik de telefoon wilde wegstoppen kreeg ik een voice-mail bericht binnen, dat mijn afspraak voor maandag werd verzet. De buurman was op tijd, maar had na ons telfoontje ruim een half uur werk gehad om naar de dorpsherberg te komen. De Oosterhoutse weg was één grote file in de richting Oosterhout. De hulpdienst kwam niet om half twee, maar om kwart voor drie. Iedereen leek wel in de auto te zitten. Toen de hulpdienst zich meldde had ik even een jack aangeschoten en was naar beneden gegaan. De man van de hulpdienst bekeek de situatie en keek net als ik gedaan had onder de motorkap. Hij nam een hamer en sloeg een paar keer tegen de startmotor, maar dat hielp niet erg veel. Of mijn dealer nog open was. Ik belde en kreeg te horen, dat men daar juist stond te overwegen de deuren dicht te doen. Maar als ik er in slaagde de auto daar voor de deur te zetten kon ik nog een vervangende auto meenemen. Ik vroeg de hulpdienstman om me naar de garage te brengen, maar zijn taak was zei hij om de auto weer op gang te brengen. Hij besloot de auto op zijn wegsleep wagen te trekken en hem er dan door zijn eigen gewicht weer af te laten lopen in de hoop dat dan de motor bij het opkomen van de koppeling aan zou slaan. Dat lukte. Nu kunt u naar de garage rijden zei hij en vertrok weer naar zijn volgende klus (of naar huis). Ik stapte in en belde de garage dat ik er aankwam. Nu mocht die motor niet meer afslaan... Op de singel stond ondertussen een file van een kleine kilometer die door de stoplichten goed in stand werd gehouden. Maar alles ging goed. Bij de garage werd ik geholpen aan een vervangende auto van hetzelfde type als die van ons. Ik kon zo wegrijden. Maar toen ik de parkeerplaats afdraaide zag ik dat het lampje met de benzinepomp brandde en dat de benzinemeter helemaal op nul stond. Dat ontbrak er nog maar aan dat ergens op de Beverweg de motor af zou slaan en ik de auto duwend naar de eerstvolgende pomp moest duwen. Had de vorige eigenaar hem helemaal leeg gereden? Had ik eigenlijk wel geld bij me? Door de acties van de hulpdienst was ik zonder autopapieren en zonder betaalpassen naar de garage gereden. En in mijn portemonnee? Daar zat niet veel meer in dan een of twee twee-eurostukken. Maar ook nu had ik geluk. Ik kwam bij de benzinepomp vlak bij ons huis, zette daar de auto neer en ging lopend naar huis om geld te halen. Ik liet de tank gedeeltelijk vullen en reed het laatste stuk naar huis. Alleen: door het afzeggen van mijn afspraak van maandag was de noodzaak om met de auto op pad te gaan eigenlijk verdwenen.

dinsdag 4 oktober 2011

Ontbijt

Ontbijt Hotels bieden naast hun hotelkamers tegenwoordig ook een ontbijtbuffet aan. Dat is heel iets anders dan het ontbijt in de klassieke Franse hotels. Nu geen stukje stukbrood meer met een grote kom koffie, maar rijk aangeklede tafel, waar de gasten zich afvragen waar ze moeten beginnen en wat ze moeten kiezen deze dag. Zo ook hier in Oosterwolde. Veel cholesterol verhogende en anderszins verkeerde gerechten, bacon, scrambled eggs suikerbrood, krentenbrood, harde broodjes, zachte broodjes, gekookte eieren, kaas, ham, etc. Als aanvulling op al deze heerlijkheden aan het eind van de tafel de bekende bakjes met met "boter en echte boter". en om het goed te maken natuurlijk de bakjes becel

Ravenswoud

Het gezelschap dat zich in de loop van de zondagmorgen verzamelde in Ravenswoud kon niet nalaten commentaar te geven op de onvindbaarheid van het adres. De boerderij van onze gastheer ligt diep verscholen op zo'n 300 meter van de verharde weg aan een van de vaarten in Zuid-Oost Friesland. Onze gastheer zelf een oud-klasgenoot van Anneke is herstellende van een by-pass operatie aan zijn hart. Daar waar zijn borst is geopend - zijn borstbeen - wordt hij nog duidelijk gehinderd door de pijn. Maar overigens verzekert hij ons dat hij zich heel goed voelt. Naarmate het gezelschap zich verzamelt blijken al deze mensen van de jaargang 1940 - 1941 de nodige kwalen te hebben. De gesprekken vormen dan ook aanvankelijk een soort inventarisatie van de gezondheid. Ravenswoud is geen groot dorp en als je over de velden kijkt is hier - net als in de NO-polder nauwelijks iemand te zien. Er rijden wel groepjes fietsers langs . Want ook vandaag is het een zomerse dag die ons na verloop van tijd toch noopt de schaduw op te zoeken. Na de middag is er een excursie naar Vledder, naar het museum van valse kunst, een belevenis op zich. We worden rondgeleid door iemand die zich vermoedelijk heeft voorgesteld maar wier naam in de uitleg is verdwenen. Zij verteld over de vervalste kunst en kunstwerken en de vervalsers. Een boeiend verhaal. Ze vertelt ook dat lood niet meer mag gebruikt worden voor het vervaardigen van kristal. Het is de dood voor de kristalfabtieken, zegt ze. Ik neem nog maar een vogeltje van Kristal mee, je kunt nooit weten.

zondag 2 oktober 2011

Lavendel

Onze reis naar het noorden van Nederland voert ons door de NO-polder. Aanleiding was een artikeltje over Viva Lavandula, een lavendel boerderij. In de NO-polder? Ja. Ergens aan een lange rechte weg - vanaf nummer 1 tot nummer 45, 6,5 km, in het dorp Marknesse ligt een boerderij, waar lavendel geteeld wordt. Het is moeilijk om in dit jaar meer ideale omstandigheden te vinden om tussen de lavendel bedden door te lopen. De zon schijnt, de temperatuur is al dagen boven de twintig. Er ontbreekt maar een ding: de lavendel is uitgebloeid, want het is 1 oktober. Maar er is wel een workshop - bestaat daarvoor eigenlijk een Nederlands woord? - een workshop in dit geval voor decoratief lavendelvlechten. Inderdaad een groepje van vijf vrouwen en een man staat onder leiding van een vrouw een soort doornenkronen te vlechten, of moeten het mandjes worden? Maar er sit weinig lavendel tussen het vlechtsel. Je kunt wellicht niet alles hebben. Voor het overige is het stil in deze omge ving. Je hoeft niet op zoke te zijn naar lavendel om van de ztilte te genieten, maar het helpt wel. Zelfs een tweetal passerende motorfietsen valt in de ruimte en de stilte nauwelijlks op. In het winkeltje wordt lavendel in alle mogelijke vormen verkocht: van lavendel in zakjes, tot lavendelzeep, -lotion en zelfs lavendel worst en lavendelkaas. De koffie (zonder lavendel) en taart (met) smaakt overigens goed.

woensdag 28 september 2011

Aangifte

Ons dorp heeft zoals ik al eerder geconstateerd heb twee straten. Op de begane grond is het dorp iets breder dan daarboven. Op de grens van beide gedeelten is er risico van lekkage. Daarom is op die grens een waterdichte voorziening aangebracht van loodslabben. Loodslabben zijn gewoon stroken lood van ca 1 mm dik die gedeeltelijk in de muur zijn ingebracht - als het goed is moeten de loodslabben doorlopen tot in de spauw. Maar lood in deze vorm is haast net zo gewild als koper. Dus ons dorp is net als de naburige dorpen bezocht door looddieven. Dat zie je niet onmiddellijk het lood is vanuit de woningen van ons dorp niet - of vrijwel niet te zien. Maar toen in de bij de bergingen lekkage werd geconstateerd was de oorzaak gauw gevonden. Het lood ca twintig centimeter breed was over een lengte van ongeveer 8,5 meter afgesneden. Dat valt onder de verzekering zei onze technische man. Ik zal een schadeformulier invullen. Als jij nou aangifte doet dan kan de aangifte meesturen met dit formulier. Nu is aangifte doen niet direct mijn verantwoordelijkheid, dus ik gaf de boodschap door aan de voorzitter. Dit verhaal is dus eigenlijk zijn verhaal. De voorzitter merkte al gauw dat deze diefstal niet via het internet kon worden aangegeven. Dus hij ging naar het politiebureau. Maar bij het politiebureau kreeg hij de mededeling dat een aangifte alleen gedaan kon worden bij een dartoe gemaakte afspraak. Dus onze voorzitter maakte een afspraak en gaf daarbij al zijn gegevens - behalve de details van de diefstal - op aan degeen die achter de balie stond. Uiteindelijk moest duidelijk zijn waarom en waarover de afspraak zou gaan. De afspraak werd gemaakt op donderdag voor de daaropvolgende maandagmorgen om 10.30. Dus de voorzitter vervoegde zich om half elf bij het politiebureau. Hij trof daar voor de balie een rij van mensen die aangifte kwamen doen. Omdat hij een afspraak had gemaakte meende de voorzitter dat er wel iemand zou komen die hem zou helpen. Maar dat hij toch verkeerd begrepen. Hij moest gewoon aansluiten achteraan de rij. Het doen van de aangifte kostte nu nog een uur om de gegevens aan te vullen die hij bij het maken van de afspraak al had gegeven. Voor iedere buitenstaander een wel zeer ondoelmatige werkwijze. Wel zeer opmerkelijk was de vraag van de agent naar het merk van de loodslabben. Maar uiteindelij was de aangifte gedaan en het bewijs kan meegestuurd naar de verzekering. .