zaterdag 13 juli 2013

Culturele diversiteit

Zoals uit het vorige bericht al blijkt waren we een paar dagen in Frankrijk, We begonnen in Esquelbecq, waar op 6 juli een boekenmarkt was georganiseerd. Op het grote plein voor de kerk stond een aantal parytenten opgesteld, waar een verbazend groot aantal regionale schrijvers en schrijfsters hun boeken zat te presenteren en te signeren. Iedereen schrijft tegenwoordig. En de publicatie gaat steeds eenvoudiger.
Uit La Voix du Nord van die morgen bleek dat voor de volgende dag in Wormhout een optocht van reuzen was gepland. De reuzen vormen een apart fenomeen, maar in deze regio heeft iedere plaats zijn eigen reus van Mme Bintje uit Hondschoote tot Kikseki uit Esquelbecq. De optocht was ter gelegenheid van de 80e verjaardag van de tweeling Mitron uit Wormhout, de ene helft van de tweeling is trouwens nog maar twintig. (zoals de krant al uitlegde: je moet hierop geen speculatieve berekeningen toepassen). Het was een vrolijk en folkloristisch gebeuren.

Heel wat anders dan het neo-klassieke hotel waar we in Reims terecht kwamen de volgende dag. Midden in de stad en op loopafstand van de kathedraal, waar we a heel lang niet waren geweest. Heel lang voor ons. Voor de kathedraal was het maar een ogenblik. Het beeldhouwwerk aan de portalen draagt duidelijk de sporen van zijn hoge leeftijd, al stond hij er nog niet toen, volgens een tegel in de vloer op deze plaats Clovis werd gedoopt. Benna had gezegd dat we vast wat champagne in konden slaan voor haar verjaardag, maar het leek ons geen goed idee nog een aantal dagen in tropische temperaturen rond te rijden met een paar dozen champagne. De champagne moet nog even wachten.
De volgende dag naar Epinal, waar Hans mee zou spelen in een concert van CMD, een jaarlijks evenement. We keken rond in de omgeving van de basiliek waar het concert zou plaats vinden en verwonderden ons over de duisternis in de kerk, maar nog meer over de huizen van het kapittel die stonden op de plaats waar voorheen een klooster moet zijn geweest. Het was een kapittel van kanunikessen. Het kapittel is vermoedelijk ten onder gegaan in de gebeurtenissen rond de Franse revolutie, maar het geeft de paar straten waar die huizen staan wel een aparte sfeer. Het is daar goed toeven zoals bleek toen we daar de maaltijd nuttigden.
Voor het eten namen we nog een drankje op een plein twee straten verder. Daar speelde een bandje eigentijdse muziek. Vlak bij de band zat toen we aankwamen een zwerver op de grond. Hij had twee volle en een half lege fles van een of andere drank bij zich. Na verloop van tijd ging hij plat op zijn rug liggen en nog een tijdje later draaide hij op zijn zij. De muziek speelde gewoon door en op het terras vlak naast de zwerver leek niemand onder de indruk van het schouwspel. Na verloop van tijd echter kwam er toch een 'Vehicule de securité et d'assistance aux victimes'. Twee mannen in passende uniformkleding hesen de zwerver van het trottoir. De man wankelde en leek zich maar moeilijk in evenwicht te kunnen houden. Dronken? Of was hij zomaar duizelig door de plotselinge verandering in lichaamshouding? Hij werd afgevoerd in de auto, een van de hulpverleners nam nog een achtergebleven fles drank mee.
Toen we na het concert van - nu klassieke muziek - terug liepen naar de auto liep de zwerver weer op het plein. Hij had een van zijn flessen aan de mond en danste tussen de menigte...
Weer een dag later op de weg terug naar het noorden stapten we af in Metz voor het nieuwe museum Pompidou-Metz. Een complex met wel een geheel andere uitstraling dan het Louvre-Lens en ook met een geheel andere collectie. In Metz gaat het om de verandering van ons wereldbeeld sinds de mens begonnen is met de verovering van het luchtruim en om de invloed daarvan op de kunst. Met een bezoekje aan de kathedraal van Metz stapten we weer terug in het wereldbeeld van vroeger. Het was tijd om naar huis te gaan, het was 11 juli.            
 

zondag 7 juli 2013

Kostenbewust

Dat we in onze moderne wereld met zijn allen veel voedsel verspillen is langzamerhand gemeen goed geworden. In de Waste Makers (1961) schreef Vance Packard dat al. We waren dacht hij toen op weg naar een maatschappij die volledig gericht was op het produceren van overbodige goederen. Dua voorspelde hij bedrijven met twee uitgangen voor de productie die afhankelijk van de economische situatie konden worden gebruikt. Als het goed ging werden de producten naar de markt geleid, maar als het slecht ging zouden de producten rechtstreeks naar een grote afvalberg worden geleid. Het is me niet geheel duidelijk wat er daarna met deze producten moest gebeuren, maar afval was uiteindelijk afval. Packard schreef ook over de verkwisting die inherent was aan de manier waarop onze producten worden verspreid. Zo bevatte een pak yoghurt nadat je het had leeg geschonken nog heel wat yoghurt die werd weg gegooid.
Packard schreef voordat de computer ons leven binnenkwam en voordat de club van Rome ons met de neus op de barre feiten van de ontwikkeling drukte. En er is sinds die dagen veel veranderd. Maar onse productie van afval is door gegaan.
Georges behoort tot de mensen die probeert onnodig afval te voorkomen. Hij eet de ingeslagen voorraden zoveel mogelijk op. En in het geval van een pak yoghurt: hij snijdt het pak open en schraapt het restant van de binnenkant. Vandaag liet hij zien dat garnalen door hun vorm een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het vermijden van onnodig afval. Hij eet de garnalen met mayonaise. Toen de mayonaisefles met spuitdeksel voor het oog leeg was, haalde hij het deksel eraf. Toen bleek dat er in dat deksel nog een restant mayo aanwezig was dus hij likte die van het deksel af en stak toen een garnaal in zijn mond voor de juiste smaak. De volgende garnaal bleek precies de goede vorm te hebben om de mayo uit de hals van de fles te halen.
Een zeer doelmatige aanwending van de garnaal; hij geeft ons te denken over meer en soortgelijke toepassingen.. 

vrijdag 5 juli 2013

Zorghotel

Het zorghotel is gevestigd in het gebouw waar in vroeger tijden de Gemeentelijke Gezondheidsdienst zat met als een soort geneesheer-directeur dokter Smulders, een deftig man, overtuigd van het belang van zijn positie en wars van al die laag-bij-de-grondse zaken als het beheer van de dienst. Later kwam daarin de gezondheidsdienst van de stadsregio Breda en nog later verdween dat alles richting Roosendaal. Nu dus een zorghotel, met een moderne receptie. Toen we ons daar meldden was Kees M. blijkbaar onderweg naar de salon/leeskamer, waar we hem begroetten. Hij hijgde van de klaarblijkelijke benauwdheid die samenhing met zijn gezondheid. Hij was blij met ons bezoek en vertelde hoe hij na een paar dagen ziekenhuis op deze plek was gekomen. Het was een verhaal dat we al kenden. Want Kees M. drinkt iedere dag koffie met Wil vR. en die had ons al verteld dat Kees hem had gebeld met hevige benauwdheid en hoe Kees met de ambulance was afgevoerd 's morgens in alle vroegte. Wil wist natuurlijk ook waar Kees nu was, hij vertelde ons voordat we op bezoek gingen dat Kees zich wel eens een beetje aanstelde. 
Terwijl we nog bezig waren de gebruikelijke informatie uit te wisselen kwam Kees B. aanlopen. Kees B. verontschuldigde zich dat hij zich onze namen niet meer herinnerde; door de herseninfarct was er een gat in zijn geheugen. Kees B. zorgde dat we koffie kregen. Hij leek hoofdzakelijk geïnteresseerd in het antwoord op de vraag of de lift volgende week klaar zou zijn. Het gesprek verliep wat moeizaam, want de harde stem van Kees B. galmde kennelijk in het gehoorapparaat van Kees M. die naast hem zat, waardoor deze haast niet kon verstaan wat er gezegd werd. Er voegde zich een dame in een rolstoel bij ons; zij zit tijdelijk in dat hotel vanwege een operatie aan haar voet. Kees M. vertelde dat Wil hem iedere dag op kwam zoeken, maar werd onmiddellijk gecorrigeerd door de dame in de rolstoel: Wil kwam om de dag, in de flat dronk ze de ene dag koffie bij Kees en de andere bij Wil...

De wereld is klein in een zorghotel. Het viel me op dat in het uur dat we daar waren Kees M. geen tekenen van benauwdheid vertoonde. Was dit wat Wil bedoelde met aanstellen? Maar Kees M. is zich plotseling bewust van de eindigheid van het leven. Een man die moeilijk alleen kan zijn. Hij hoopt gauw bij Mammie te zijn, maar vreest toch ook het einde in eenzaamheid. Misschien beneemt de angst voor het einde hem wel de adem...
  

donderdag 4 juli 2013

Ons dorp

Om de lift te voorzien van automatische schuifdeuren i.p.v. draaideuren (deze laatste hadden verschillende nadelen, maar één ervan was dat de deuren erg zwaar zijn en door een sterke veer worden gesloten), moest hij gedurende vier weken buiten gebruik zijn. De bewoners van straat 1 waren het eerst aan de beurt en hadden verschillende 'oplossingen' om het ongemak te lijf te gaan. Er waren er die een aantal weken naar hun huisje ver weg gingen. Er is ook een stel dat met zijn zeilboot de wereldzeeën bevaart en zeker deze vier weken niet thuiskomt. Er waren er ook die door een fysieke oorzaak werden uitgeschakeld. Zoal Kees B. die een herseninfarct kreeg. Of het daar iets mee te maken had weet ik niet, maar terwijl Kees werd opgenomen kreeg zijn 91-jarige vrouw moeilijkheden met haar hart en ze werd opgenomen om gedotterd te worden. Daar was natuurlijk ook de 90-jarige Ria L. die met gebroken heup in het ziekenhuis terecht kwam en voor wie de revalidatie lang genoeg duurde om de hele lift renovatie te overbruggen. Er waren er ook die het ongemak voor lief namen en de trap namen i.p.v. de lift. Die constateerden halverwege de renovatie dat dat traplopen met de boodschappen toch wel tegenviel.
In straat 2 ondertussen bereidde men zich zo goed mogelijk voor op de renovatie van lift 2 die volgens planning eveneens vier weken buiten gebruik zal zijn. En ondertussen gaan het leven natuurlijk gewoon door. Kees M. (88) werd vorige week opgenomen wegens benauwdheden. De dag tevoren was hij nog bij ons geweest volledig buiten adem om te praten over zijn laptop die in reparatie was gegeven. Hij vertelde dat hij COPD had. Deze week bleek dat Kees M. en Kees B. in hetzelfde zorghotel terecht te zijn gekomen.
Vanmorgen besloten we hen een bezoekje te brengen. 

donderdag 27 juni 2013

Technisch

Voor mijn ontbijt hul ik me gebruikelijk in een trainingspak. Pas als ik mijn cracker op heb kleed ik me dan verder aan. Maar omdat de dakwacht had aangekondigd dat hij vanmorgen om een uur of acht het dak wilde inspecteren had ik me vandaag al voor het ontbijt aangekleed. Om kwart over zeven keek ik uit het raam om te zien of de liftmonteurs al aanwezig waren en zag tot mijn vreugde dat ze een tractieschijf uit hun bestelbusje rolden. Die tractieschijf was - althans voor mij - een beetje een gevoelig punt. Voor het vervangen van de liftdeuren was vier weken uitgetrokken vlak voor de bouwvakvacantie. Het was me niet geheel duidelijk of het vervangen van die tractieschijf nu wel of niet in die vier weken was gepland. Dat hij nu vanmorgen naar binnen werd gebracht betekende vermoedelijk dat hij het schema niet teveel in de war zou sturen. Een aantal mensen heeft maar met moeite een regeling kunnen treffen om voor die vier weken elders te kunnen verblijven.

Ondertussen waren de schilders bezig om het inpandig buitenschilderwerk bij te werken. Ook dat is een omvangrijke klus, waarvoor met iedereen onderhandeld moet worden omdat bij dat schilderwerk ook de balkondeuren horen die daarvoor open moeten. Dat geeft wat problemen, zoals de schilder me vanmorgen uitlegde, want op tien, waar mevr. Br. al een tijd niet meer woont, woont nu met mevr. E. ook een zieke kat. Er moeten speciale maatregelen worden genomen om te voorkomen dat de kat via het balkon ontsnapt.
Voor de planning was het goed dat het schilderwerk en het werk aan de liften elkaar niet hinderden. Voor het schilderwerk is een hangbrug nodig die in vier stappen over het dak moet worden verplaatst. Ook daarvoor is het van belang dat het werk aan de lift niet al te zeer uitloopt.
Mevr. vdA is verhuisd, maar vertelde dat het geluid dat in haar flat te horen was er nog steeds was of opnieuw was, want het was een tijdlang niet of vrijwel niet te horen geweest. Maar bovendien maakte ze er melding van dat er een kleine lekkage was bij een van haar radiatoren. Het leek me handig om dat maar te laten repareren nu haar appartement toch leeg staat. Dus vanmorgen belde de man van de verwarming of hij er nu bij zou kunnen, dan werd dat werk ingepland. Net als de reparatie van het bellenblok trouwens, die eigenlijk ook vandaag zou moeten gebeuren.
Een typisch rustige dag eigenlijk.

vrijdag 21 juni 2013

Louvre-Lens

DSC01330

Ik had er vooraf geen rekening gehouden, maar ook in musea moeten de nodige veiligheidsmaatregelen worden genomen om het bezoek in goed banen te leiden. Zo dus ook in het splinternieuwe Louvre-Lens, volgens de toelichtingen aan de toegangen een fusie tussen het Louvre en Lens. Lens is bekend om zijn restanten van kolenmijnen; de zwarte bergen die men kan zien liggen vanaf de A1 naar Parijs zijn inmiddels industrieel erfgoed. Vanaf het museum dat ligt op een verlaten kolenmijn kun je die bergen echter niet zien. Maar goed, wij kwamen binnen in de glazen aankomsthal – op de foto en nog voor we een kaartje konden kopen moesten we door het bekende poortje. Ik rinkelde en moest dus mijn zakkenjack leegmaken. Op de tafel  kwamen dus, mijn betaalkaarten, autopapieren, de nodige kassabonnetjes die ik meestal haastig in mijn zak steek, een aantekenboekje, maar ook mijn zakmes dat onmiddellijk werd geannexeerd.

Op de foto is de ontvangsthal te zien in het midden. Op de voorgrond rechts het verzonken kolenspoor, links het hoger liggende grote kolenspoor nu prachtig gestileerd als toegangen tot het museum. De ontvangsthal geeft toegang aan de ene zijde tot de tijdelijke en fraaie tentoonstelling van het werk van Rubens. Veel bekende schilderijen en uit de toelichting bleek dat Rubens de contra-reformatie ondersteunde (vandaar zijn schilderingen van weelderige min of meer ontklede vrouwen in tegenstelling tot de calvinistische soberheid, of ga ik nu iets te snel?). Rubens bleek ook als spion op te treden voor de katholieke vorstenhoven, al begrijp ik dat hem dat niet al te zeer wordt aangerekend.

In een hoek van de ontvangsthal was gelegenheid om na Rubens en Europa een kop koffie te drinken. Vandaar hadden we uitzicht op de speciale picknick ruimte, waarin zich een klas kinderen van de basisschool nestelde, zijn meegebrachte etenswaar uitpakte en gezamenlijk nuttigde. Een nuttige voorziening leek het. Na hun lunch gingen de kinderen op stap naar de tentoonstelling. We troffen hen aan in discussie voor o.m. een tweetal schilderijen van een vrouw met een schedel. We konden hun conclusies niet helemaal volgen. Maar toen we ons omdraaiden stonden we bij een sarcofaag met wat leek een vrouwengezicht op het deksel. De toelichting op het kaartje bevestigde het: het was een sarcofaag met vrouwengezicht. Daarnaast was een grafmonument waarop de beeltenis van een vrouw. Beeld van een onbekende vrouw stond er op het kaartje. Wat ons betreft was die mededeling juist: wij kenden de afgebeelde vrouw ook niet.

Van deze onbekende vrouw liepen we door naar het eind van de grote hal langs de virtuele tijdlijn van oudheid naar moderne tijd, tot we bij de reuzin Iris Clert kwamen, maar dan komen we bij een onderwerp voor een volgende keer: de reuzen van Noord-Frankrijk. 

donderdag 6 juni 2013

Fietsen

Op de foto: het pulpitum, dat Free verwierf uit de erfenis van Tante Jantje en afkomstig was van haar grootvader Steven Mulder
DSC01295
Ik zit een par dagen in Hengelo als deeltijd zorger voor Free. Haar conditie is sterk verbeterd na de eerste van een serie chemokuren. Vanmorgen moet ze naar het ziekenhuis voor de uitslag van het bloedonderzoek, dat dan weer uitzicht op de tweede kuur.
Praten met Free is natuurlijk ook praten over ons gezamenlijk verleden, dat zich hoofdzakelijk afspeelde voor 1954. De oorlog en de eerste jaren daarna. Zoals bekend waren fietsen schaars in die tijd. Het verhaal gaat dat de Duitsers veel fietsen in beslag hadden genomen. Maar al met stonden er onmiddellijk na de oorlog nog twee fietsen denk ik voor algemeen gebruik op de veranda van ons huis aan de Linnaeusparkweg. Algemeen gebruik: dat betekende dat Moeder er op reed, of Gees en Ben natuurlijk. Maar de jongere kinderen zoals Free en ik kregen niet veel gelegenheid om te leren fietsen. Zo kreeg ik mijn eerste lessen in fietsen van Moeder in 1948. We fietsten naar Schellingwoude, waar in verband met de troonswisseling van Wilhelmina een vlootschouw was. In de drukte langs de dijk tussen Schellingwoude en Durgerdam moest ik leren op en af te stappen. Free heeft soortgelijke ervaringen. De ultieme uitdaging voor haar fietsen was natuurlijk in Winterswijk waar ze door Opa aan de Morgenzonweg op een herenfiets werd gezet. Ze kreeg een duwtje en moest toen maar zien hoe ze verder kwam. Ze reed dus linksaf de Javastraat in kwam op de Groenloseweg uit tegenover de Harmonie, waar een feestje was. Free in doodsangst tussen de mensen door manoeuvrerend kwam uiteindelijk weer terug op de Morgenzonweg. Ze wist natuurlijk niet hoe ze weer van de fiets af moest komen en Opa was allang weer naar binnen. Gelukkig, zegt Free, kwam Cobie te voorschijn en die hielp haar van de fiets af. In Winterswijk in die dagen waren alleen de hoofdwegen verhard. De andere wegen tussen buurtschappen en boerderijen waren karresporen die door het mulle zand van de Achterhoek langs de eindeloze bolle akkers liepen. Omdat wij daar meestal in de zomervakantie kwamen stonden de tarwe en de rogge al een flink stuk boven de grond. Korenbloemen en klaprozen stonden in bloei, net als de bramen. 
Langs de karresporen was meestal een voetpad, dat als fietspad werd gebruikt en naar mijn herinnering niet veel breder dan 50 cm zal zijn geweest. Uit ons zelf zouden we daar niet veel hebben gefietst, maar Opa had daar als jonge man de post rondgebracht en kende al die wegen op zijn  duimpje. En nu, gepensioneerd, bracht hij nog steeds de VPRO-gids rond. Wij kleinkinderen mochten dan met hem mee en achter hem aanrijden over die zandpaden met aan de ene kant het karrespoor en aan de andere kant de sloot. Achter Opa aan die geen enkele keer omkeek geroutineerd alle onregelmatigheden en kuilen in het pad vermijdend. Wij probeerden dan hem bij te houden en te voorkomen dat we in de sloot terecht kwamen. Opa stak wel een hand uit als we een hoek om moesten, maar meestal was de afstand tussen hem en het kind dat volgde zo groot dat je al vanuit de verte kon zien dat hij de hoek omging. Van alle herinneringen aan de Achterhoek blijft het fietsen langs die zandwegen het belangrijkste, naar het schijnt ook voor Free. 

maandag 20 mei 2013

Sociaal

Social media is de term tegenwoordig. Ik probeer zo goed mogelijk te volgen wat er om me heen gebeurt. En met meer dan 70 vrienden op facebook gebeurt er heel wat. Het mooie is dat ik nog nooit zoveel gelukwensen heb gehad met mijn verjaardag als nu, nu ik op facebook bereikbaar ben. Facebook is een groot goed. En ik heb contacten over de hele wereld. Ik ben natuurlijk niet de enige. Iedereen op facebook heeft een groot aantal contacten.
Facebook is ook een geweldige plaats om je foto's op te zetten: te delen is het toverwoord van vandaag. Als ik zo door de foto's van mijn vrienden blader woon ik in een gelukkige wereld. Toegegeven: het merendeel van mijn vrienden is een generatie jonger dan ik. De foto's wijzen op een gelukkige generatie. Het zijn vooral lachende gezichten van mensen die op een feestje bij elkaar komen. Is dat de wereld van vandaag: een lachende gelukkige wereld vol jonge mensen? Geen verdriet, geen zorgen, geen crisis. 
En ook hier: ik moet toegeven, dat veel foto's worden genomen op het moment dat mensen die ver van elkaar wonen, elkaar weer zien na (al dan niet) lange tijd. De blijdschap van de ontmoeting, waard om te behouden voor het nageslacht. Want hoe zit het met de buurman of buurvrouw die ik dagelijks op straat, op de trap, in de lift tegenkom? Als ik er eens over na denk heb ik in mijn verzameling nauwelijks een foto van hen. Hoe is het eigenlijk met die mensen dichtbij?
Gistermorgen zat ik met Georges bij mooi weer, dat wel, een kop koffie te drinken. Er stak een gevlekte hond zijn kop om de hoek, en op mijn vraag van wie is die hond? moest Georges het antwoord schuldig blijven. Ik denk van de buurman zei hij, maar misschien ook wel van die andere. Heb je wel eens contact met die buurman? Nou eigenlijk niet, we steken wel eens een hand op als we elkaar zien, maar een praatje maken is er niet bij.
Wellicht in Frankrijk nog sterker dan in Nederland wonen mensen steeds meer op zichzelf. Contacten worden steeds meer schaars, men maakt de contacten elders. Maar hoe werkt dat met die vrienden op afstand? Kan ik ook een beroep op hen doen als ik in moeilijkheden zit?
Of is het oude spreekwoord nog steeds van kracht en is een goede buur beter dan een verre vriend (zelfs als hij op facebook bereikbaar is?)      

zondag 14 april 2013

Padden

In 1993 werd Whitmore gedwongen ontslag te nemen bij Kodak, na een aantal jaren van ontslagen van personeel…

tot zover was ik gekomen toen een pad zijn kop om de tafelpoot stak en me aankeek. Ik keek terug en hij bleef een hele tijd zitten toen draaide hij zich om en ging naar een andere tafelpoot.

Ik volgde hem met de ogen en zag een andere pad aankomen. Kennelijk zag pad 1 hem ook en ging er met – voor een pad – grote snelheid op af. Hij probeerde op de rug van pad 2 te klimmen. Maar die had daar kennelijk geen zin in en gooide hem er af. Kennelijk was pad 1 zo geil dat hij geen onderscheid kon maken tussen een mannetje en een vrouwtje. Maar zijn teleurstelling duurde niet lang, want daar kwam een stelletje aan vrouwtje met mannetje op haar rug. Pad 1 ging er onverdroten op af en sprong erbij, maar pad nummer drie was daar niet van gediend en gooide hem er net zo hard weer af. Na twee keer gaf pad 1 het op. Het vrouwtje ging dapper verder. Ze moest naar het water om eitjes te leggen die dan door het mannetje zouden moeten worden bevrucht.

Zo lijkt het sexleven van padden ook niet zonder complicaties. Het vrouwtje moet zien dat ze heelhuids bij het water komt en neemt daarbij de zaadgever maar mee, dan is die tenminste bij de hand. Maar het is een zware tocht met bijna haar eigen gewicht op de rug. Maar voor het mannetje is het ook niet eenvoudig Hij moet op de een of andere manier een vrouwtje zien te vinden, en pakt blijkbaar alles wat voorbij komt. IK volgde het paartje op hun weg naar het water: zeker nog 30 meter en zag hoe onderweg nog drie andere padden probeerden haar partner te verdringen, maar die hield dapper stand.

Het paartje haalde de rand van de plas tegenover mijn huisje en tuimelde toen in het water.    

zaterdag 13 april 2013

Voorjaar

Een week in retraite in Coldenhove. Ons is beloofd een weekend met oplopende temperaturen. Een weekend voor de natuur om te ontwaken.  

DSC01158

En terwijl ik de tekst die ik tot dusver heb geschreven (oef die valt nog niet mee) zat te lezen, bewoog zich iets langs de rand van mijn gezichtsveld. Een pad met haar mannetje op de rug. Alsof ze zeggen wilde: Zie je wel, paartijd.

Ze wandelde over mijn erf en verdween aan de andere kant tussen de bomen. En zo zag ik in de loop van de dag al een konijn, kool- en pimpelmezen, een roodborstje, merels en zelfs een specht.